Ondersteuning
Mentoraat
Alle leerlingen krijgen een mentor. In de leerjaren in de onderbouw volgen de leerlingen klassikaal les. In een digitaal volgsysteem worden gegevens van de leerlingen geregistreerd. Het betreft (persoonlijke) informatie die belangrijk is voor de begeleiding, rapportcijfers, notities van gesprekken en bijzonderheden die zich in de loop van het schooljaar voordoen. In de onderbouw is wekelijks een Willem II-uur ingeroosterd. Daarin krijgen de leerlingen lessen in studievaardigheden en is het mogelijk om meer persoonlijke en klassenzaken te bespreken. Als er buitenschoolse activiteiten zijn, draagt de mentor mede zorg voor de organisatie en de rol van de klas daarbij. Denk hierbij aan excursies en activiteitendagen. Aan het begin van het schooljaar organiseert de school een ouderavond. Tijdens deze avond kunnen de ouders kennismaken met de mentoren. Mentoren overleggen over de cijferresultaten van hun leerlingen met de leerlingcoördinator en bereiden met hen de rapportvergaderingen voor.
Leerlingcoördinatoren
Aan elke afdeling zijn één of twee leerlingcoördinatoren gekoppeld. Deze zijn verantwoordelijk voor alle leerlingzaken in de afdeling. De leerlingcoördinator ondersteunt de mentor bij de begeleiding van de leerlingen, stemt af met het ondersteuningsteam en schakelt met het ondersteuningsteam indien inzet van meer ondersteuning passend is.
Klas (MH 1-2): Rosalie van Boxtel
Klas 2 (HA-AG 1/2): Marleen Braakhuis
Mavo 3: Daisy van den Berghe
Mavo 4: Benjamin Benckhuisen
Havo 3 t/m 5: Maudy van Dongen, Vivianne Dubbelman
Vwo 3 t/m 6: Vivian Emers
Het decanaat en Loopbaanontwikkeling & -begeleiding (LOB)
Bij ons staat de toekomst van de leerling centraal. Met Loopbaanontwikkeling en -begeleiding (LOB) helpen wij leerlingen ontdekken wie ze zijn, waar hun talenten liggen en welke richting daarbij past.
De mentoren en decanen begeleiden leerlingen stap voor stap. Samen werken ze aan de vijf loopbaancompetenties: ontdekken van kwaliteiten, onderzoeken van drijfveren, verkennen van de arbeidsmarkt en opleidingen, leren sturen van de eigen loopbaan en opbouwen van een netwerk.
Tijdens de schoolloopbaan doen leerlingen waardevolle LOB-ervaringen op, zoals het profielkeuzeproces, bezoeken van vervolgopleidingen en stages. Een concreet voorbeeld hiervan is de stageweek in mavo 4, waarin leerlingen een week lang meelopen bij een bedrijf of organisatie. Zo krijgen zij een realistisch beeld van het werkveld en kunnen ze ontdekken wat wel of niet bij hen past. Dit levert vervolgens in de mentorles altijd zeer waardevolle uitwisselingen en gesprekken op. Leerlingen leren hierdoor van elkaar en denken na over hun gemaakte keuzes.
Alle ervaringen en reflecties worden vastgelegd in een persoonlijk loopbaandossier, zodat leerlingen hun ontwikkeling kunnen volgen en hun keuzes beter kunnen onderbouwen. Dit dossier is na het verlaten van de school nog steeds beschikbaar.
De leerlingen krijgen veel vrijheid in het kiezen van de LOB-opdrachten en activiteiten. Zo bereiden wij onze leerlingen niet alleen inhoudelijk voor op hun vervolgopleiding of eerste baan, maar geven wij ze ook de kans om eigenaarschap te ontwikkelen over hun eigen toekomst.
Ondersteuningslessen brugklas
We bieden onze brugklassers de mogelijkheid extra ondersteuning te krijgen bij de kernvakken: Nederlands, Engels en wiskunde. Na de herfstvakantie volgen de leerlingen die daarvoor in aanmerking komen een extra uur in een van deze vakken. Na de kerstvakantie starten daarnaast ook de trainingen sociale vaardigheden en faalangst. Na ieder rapport wordt opnieuw bekeken welke leerlingen extra ondersteuning nodig hebben.
Ondersteuning basisvaardigheden
Leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben op het gebied van de basisvaardigheden taal en rekenen kunnen hier ook extra ondersteuning in krijgen. Deze ondersteuning wordt op advies van de vakdocent en/of mentor aangeboden.
Ondersteuning taal
In het begin van de brugklas wordt nagegaan welke leerlingen extra ondersteuning bij taal nodig hebben. Zo kunnen kinderen extra ondersteuning krijgen in het onderdeel spellen. Voor enkele leerlingen is deze begeleiding niet voldoende. Soms is een uitgebreid onderzoek nodig om erachter te komen wat er precies speelt. Het kan zo zijn dat de geboden hulp buiten de mogelijkheden van de school valt. Overleg met ouders en andere instanties (zoals testbureaus) is dan noodzakelijk. De kosten van deze onderzoeken en individuele begeleiding zijn aanzienlijk en kunnen niet door de school gedragen worden. Onderdeel van het ondersteuningsprofiel is het zogenaamde dyslexieprotocol. Het protocol is gepubliceerd op onze website.
Ondersteuning rekenen
Bij het vak wiskunde wordt aandacht besteed aan rekenvaardigheid. Leerlingen die dat nodig hebben, kunnen extra ondersteuning krijgen.
NT2 ondersteuningslessen
NT2 staat voor Nederlands als Tweede Taal. Leerlingen van alle niveaus en leerjaren voor wie Nederlands een tweede taal is, kunnen extra ondersteuning krijgen bij de Nederlandse taal. Deze lessen worden gegeven door onze NT2-docent.
De lessen zijn bedoeld voor leerlingen die zijn opgegroeid met een andere moedertaal en ondersteuning nodig hebben om de lessen in het Nederlands goed te kunnen volgen. Leerlingen die minder dan zes jaar in Nederland zijn, hebben voorrang. De lessen worden individueel of in kleine groepen gegeven, afhankelijk van de ondersteuningsbehoefte.
De inhoud is vooral gericht op het verbeteren van de lees- en schrijfvaardigheid, het vergroten van de woordenschat en schooltaal en het oefenen van grammatica. Zo nodig is er ook aandacht voor uitspraak en spreekvaardigheid. De lessen sluiten aan bij de vragen van de leerling en bij opdrachten uit de reguliere lessen Nederlands en andere vakken. Het doel is dat leerlingen de taalvaardigheden steeds zelfstandiger kunnen toepassen tijdens de lessen.
Gemiddeld gaat het om één ondersteuningsles per week, afhankelijk van wat de leerling nodig heeft. Aanmelding voor deze ondersteuning verloopt via de mentor. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met onze NT2-docent, mevrouw R. Kamp.
Faciliteiten
Leerlingen met een deskundigenverklaring, bijvoorbeeld voor dyslexie, dyscalculie, AD(H)D, ASS of medische en lichamelijke problematiek, kunnen in aanmerking komen voor passende faciliteiten. Op basis van de ondersteuningsbehoefte, de deskundigenverklaring en de geldende richtlijnen beoordelen we welke faciliteiten nodig en toegestaan zijn. Voor sommige faciliteiten is geen deskundigenverklaring vereist. Voorbeelden van faciliteiten zijn tijdverlenging bij toetsen, een pauzemoment of het gebruik van een laptop of andere hulpmiddelen. De toegekende faciliteiten worden vastgelegd op een leerlinggebonden faciliteitenkaart.
Het Koning Willem II College hanteert gedurende leerjaar 1 tot en met 6 de regels van het College voor Toetsen en Examens (CvTE) als uitgangspunt voor faciliteiten bij toetsen en examens.
Heeft u vragen over faciliteiten of wilt u deze aanvragen? Neem dan contact op met de mentor of mail naar faciliteiten@willem2.nl.
Ondersteuning bij dyslexie en meer- en hoogbegaafdheid
Onze dyslexiespecialist, mevrouw J. van der Gun, ondersteunt bij de afstemming van passende voorzieningen en het gebruik van digitale hulpmiddelen voor leerlingen met dyslexie. Voor meer- en hoogbegaafde leerlingen bieden we groepsbijeenkomsten of begeleiding door onze hoogbegaafdheidsspecialisten, mevrouw K. van der Lee en mevrouw M. Hendrickx.
Heeft u vragen over dyslexie of meer- en hoogbegaafdheid? Neem dan contact op met de mentor of met de betreffende specialist via ondersteuning@willem2.nl. Meer informatie vindt u in de betreffende protocollen op onze website.